Rampen in Groningen
MOORD OP AMERIKAANSE PILOOT, BARNFLAIR 1944

Op 7 juli 1944 moest de bemanning van een Amerikaanse B-24 Liberator bommenwerper boven de Duits-Nederlandse  grens  uit hun zwaar beschadigde toestel springen. De copiloot  van toestel landde veilig met zijn parachute in  de buurt van  Barnflair, in De Maten. Kort daarna  werd  hij doodgestoken door Geert Trechsel een SS-Landstormer uit Barnflair. De piloot was de 22 jarige Walter Burton Shambarger.

Vrijdag 7 juli was een mooie zonnige dag in de provincie Groningen. Het zou tegen de dertig graden worden en er stond nauwelijks wind
Die vrijdagochtend vertrokken ruim 1000 vliegtuigen uit Engeland op weg naar doelen in Duitsland. De 44ste Bomb Group was een onderdeel van deze lucht armada. Een van de vliegtuigen in de groep was de B-24, #42-99966, met de naam Full House op de romp geschilderd. Full House behoorde tot het 68ste Squadron, met 1ste Luitenant Ted Weaver als piloot en 1ste Luitenant Walter Burton Shambarger als copiloot en zeven andere bemanningsleden. Voor de bemanning van de Full House was dit haar 23ste missie. Alle bemanningsleden waren ervaren vliegeniers.

De 44ste Bomb group vormde een onderdeel van de 8th Air Force van de Verenigde Staten en was sinds oktober 1942 in Engeland gestationeerd op de basis Sipdham in Norfolk. De 44ste vloog met B-24 Liberator bommenwerpers. Deze lange afstandsbommenwerpers konden sneller vliegen, meer bommen vervoeren en langere afstanden afleggen dan de beroemde B-17 Vliegende Forten. De Boeing B-17 was een sierlijk vliegtuig, de B-24 was een lomp toestel, dat door andere vliegeniers wel de Zwangere Koe of de Vliegende Goederenwagon werd genoemd.
De B-24 Liberator Full House
De 44ste Bomb Group, die zichzelf de naam had gegeven “The Flying Eightballs”, stond bekend om haar groot aantal verliezen van vliegtuigen. De groep verloor in haar bestaan 153 vliegtuigen in 344 missies, maar zij schoot tegelijkertijd het grootste aantal Duitse gevechtsvliegtuigen neer van alle B-24 eenheden. Sommige piloten buiten de 44ste Bomb Group zeiden dat er een vloek rustte op deze groep. Een mening die niet werd gedeeld door de bemanningen van de 44ste.

De 44ste Bomb Group bestond uit 4 squadrons en vloog die vrijdag met 37 vliegtuigen. Ze vlogen via Noord-Frankrijk richting Duitsland naar Bernburg, een stadje 80 km ten noordwesten van Leipzig. Het doel was de fabriek van de Dessauer Flugzeug und Motorenwerke AG, die in licentie Ju-52 vliegtuigen bouwde. De Junkers 52 was een breed inzetbaar transportvliegtuig, vergelijkbaar met de Amerikaanse Dakota DC-3.

Dichtbij de doelen in Bernburg, vlak voordat de bommen afgeworpen zouden worden, vielen om 09.28 twaalf Me-110 Duitse jagers de 44ste Bomb Group aan. Het was een hit en run aanval, waarbij de bommenwerpers een keer werden aangevallen, waarna de lompe Duitse jagers weer wegvlogen. Die ene aanval was voldoende om een aantal bommenwerpers zwaar te beschadigen. De Full House werd aan de linkerkant op verschillende plaatsen getroffen: in de flight deck, de rugkoepel, de navigatiehut, de vleugels en de motoren.
Een granaat explodeerde in het instrumentenpaneel, tussen de piloot en de co-piloot, waardoor de cockpit vol rook kwam te staan. Binnen enkele seconden vielen drie van de vier motoren uit. Drie bemanningsleden raakten gewond: de navigator 1ste Lt. Lawrence Platt, de linker zijluikschutter Sgt. Stanley G. Nalipa en rugkoepel schutter/boordwerktuigkundige Joe (Joseph) Gniadek.
De gezagvoerder gaf opdracht de bommen af te werpen.

De Bomb Group keerde terug richting Engeland, maar doordat de Full House maar op één motor vloog moest het toestel de formatie verlaten en dalen naar een hoogte van 5000 meter. De bommenwerper werd opnieuw aangevallen, nu door een aantal Duitse Me-109 jachtvliegtuigen. De boordschutters wisten de aanvallers op afstand te houden. Enkele Amerikaanse P-38 Lightning jachtvliegtuigen, zagen dat de bommenwerper in moeilijkheden was geraakt, en voegden zich bij het toestel om het te beschermen tegen nieuwe aanvallen. Maar de bommenwerper verloor steeds meer hoogte en het werd 1ste piloot Ted Weaver duidelijk dat het toestel Engeland nooit zou bereiken. Hij overlegde met bemanning in zijn directe nabijheid - de co-piloot, navigator, bombardier en boordwerktuigkundige - en gaf aan dat het toestel waarschijnlijk verlaten moest worden. De standaard procedure voor de bemanning was dat de gezagsvoerder drie keer kort de alarmbel zou laten rinkelen als teken dat men zich gereed moest maken om het toestel te verlaten. Een lang belsignaal betekende dat de bemanning het toestel moest verlaten.

Bij het eerste korte alarmsignaal sprong de gewonde navigator Lawrence Platt samen met bommenrichter Robert Reed boven Duitsland al uit het vliegtuig. Zij hadden van te voren al gezegd dat zij dit zouden doen omdat zij door een moeilijke gesitueerde uitgang bij het neuswiel zouden moeten springen. De rest van de bemanning wilde proberen Nederland te bereiken. Tien minuten later terwijl de bommenwerper de grens tussen Duitsland en Nederland naderde en ontstond er brand in twee van de beschadigde motoren. De autopiloot werd ingeschakeld en gezagvoerder Ted Weaver gaf opdracht dat iedereen het toestel moest verlaten. Het was 11.00 uur en de bommenwerper vloog boven Barnflair.

De zwaargewonde Sergeant Nalipa was nauwelijks bij bewustzijn. Zijn collega’s Crouse en Voigt deden zijn parachute om en bonden het koord dat de parachute moest openen rond zijn hand. Zij hoopten dat tijdens de sprong uit het vliegtuig door de beweging van de hand de parachute open zou gaan. De parachute openende zich echter niet en Stanley Nalipa buitelde door de lucht en sloeg te pletter.
Toen Walter Shambarger uit het vliegtuig wilde springen trok hij door de spanning per ongeluk aan het koord van zijn Mae West zwemvest dat onder de parachute was bevestigd, waardoor het zwemvest werd opgeblazen. Don Fahey, Joe Gniadek en Ted Weaver trokken de Mae West van hem af en gespten zijn parachute weer om en gooiden hem uit het toestel. De laatsten die het vliegtuig verlieten waren Joseph Gniadek en Ted Weaver. De bommenwerper vloog toen lager dan 150 meter.
Het lege toestel crashte korte tijd daarna in een korenveld bij Valthe, ongeveer 12 kilometer verderop.
De begeleidende jachtvliegtuigen zagen maar zeven bemanningsleden springen en nog maanden daarna dacht de Amerikaanse luchtmacht dat er nog twee bemanningsleden in het gecrashte vliegtuig waren achtergebleven. De piloten van de jachtvliegtuigen hadden niet gezien dat twee vliegeniers al boven Duitsland uit het vliegtuig waren gesprongen.

Co-piloot Walter Burton Shambarger landde ongedeerd met zijn parachute in een weiland in het buurtschap De Maten, ongeveer een kilometer vanaf Barnflair.

Velen hadden de vliegenier uit het vliegtuig zijn springen en tientallen mensen renden naar de plek waar hij terecht was gekomen. Onder hen was ook Geert Trechsel een 22 jarig lid van de SS Landwacht, die op verlof was bij zijn ouders in Barnflair. De ooggetuigenverslagen verschillen op details van wat er daarna precies gebeurde. Sommige zeggen de Shambarger met de handen omhoog naar Trechsel liep en daarna zijn hand wilde schudden. Anderen zeggen dat Shambarger zijn hand uitstak en “friend”  zei.  Duidelijk is dat Trechsel zijn dolk pakte en zonder een woord te zeggen de piloot onverhoeds diep in de borst stootte. De piloot wees naar de dader, terwijl het bloed uit de wond gutste. Hij viel op zijn knieën, opende zijn bovenkleding en zakte vervolgens in elkaar. Hij deed nog een poging op te staan maar slaagde daar niet in. Jimmy Klein, een plaatselijke kapper en anderen probeerden tevergeefs het bloed te stelpen. Toen zij zagen dat ook bloed uit zijn mond gutste wisten ze dat het te laat was. Een dokter die was geroepen kon bij  aankomst alleen nog de dood constateren.
Walter B. Shambarger
Het lichaam van Walter Shambarger werd samen met dat van Stanley Nalipa dat verderop in het veld was gevonden, op een boerenwagen naar een schuur van de boerderij van de familie de Jong gebracht. De lichamen werden bewaakt door Duitse militairen. De gealarmeerde Nederlandse politie vertelde de Duitsers dat de piloot was vermoord. De Duitsers ontkenden dit en zeiden dat hij was gedood omdat hij bij het neerkomen op een hek was gevallen. Om er zeker van te zijn dat de piloot later correct geïdentificeerd zou worden verwijderde een Nederlandse politieagent de identificatiearmband van de pols van Walter Shambarger.
De moord veroorzaakte een golf van ontzetting, verslagenheid en woede in de kleine gemeenschap.
De moordenaar liep na zijn daad terug naar het huis van zijn ouders. Een ooggetuige vertelt dat de mensen woedend naar hem riepen  “Geert, wat heb je gedaan?”. De moordenaar werd razend en dreigde alle huizen door de Duitsers te laten bombarderen als zei hun mond niet zouden houden. Later op de avond zag een ooggetuige een ruzie tussen Geert Trechsel en zijn twee buurjongens die lid waren van de SS. Zij veroordeelden de moord en de twee jongens dreigden hem te vermoorden als hij het dorp niet zou verlaten. De volgende ochtend was de moordenaar vertrokken.
Walter Burton Shambarger werd op 2 april 1922 geboren in Montpelier, een klein stadje in de staat Ohio. Hij was hij enigst kind van Walter Shambarger, die kapper was van beroep en Eva Burton Shambarger, huisvrouw. Het gezin leidde een eenvoudig, maar goed leven. Walter Burton bezocht de middelbare school in Montepelier en ontwikkelde zich tot een verdienstelijke pianospeler. Op zijn school werd hij wel de kleine Paderewski genoemd naar de wereldberoemde Poolse pianist. Hij was een opgewekte jongen die goed op kon schieten met zijn medeleerlingen en met de leraren. Na de middelbare school ging hij in 1940 naar de Bowling Green State University, waar hij rechten studeerde. Kort na het begin van zijn derde studiejaar in 1942 verliet hij de universiteit en nam dienst bij de luchtmacht. Hij volgde eerst een opleiding tot jachtvlieger in Texas, maar werd overgeplaatst naar Massachusetts voor een intensieve opleiding tot piloot van een bommenwerper. Uit de brieven aan zijn familie blijkt dat hij met veel enthousiasme de opleiding volgde.

Op vrijdag 21 april 1944 vertrok hij naar Engeland. In de elf weken als piloot in gevechtsdienst nam Walter B. Shambarger deel aan 23 missies. Hij ontving de Air Medal en een aantekening voor moed, koelbloedigheid en bekwaamheid in bombardementsvluchten. Een paar dagen voor zijn dood werd hij bevorderd tot Eerste Luitenant.
De missie die de meeste indruk op hem maakte was zijn deelname aan de invasie in Normandië op 6 juni 1944. In een brief van 8 juni aan zijn familie schreef hij over de opwinding toen  één uur ‘s nachts bekend werd gemaakt dat de invasie zou beginnen.  Tegen half zes in de ochtend vloog hij over het Kanaal, richting Frankrijk: “van een hoogte van 5000 meter was de hele kust zichtbaar en toen onze laatste bommen waren afgeworpen, landen de soldaten op de stranden. Zelf met een temperatuur van min 35 graden buiten, was ik bezweet  van opwinding….Maar ik ben nu ontzettend moe.”  Na D-day nam Walter Shambarger nog deel aan elf bombardementsvluchten, voordat hij op 7 juli werd vermoord.

Via het Rode Kruis hoorden de ouders van Walter Shambarger van zijn dood. Zij hebben nooit geweten dat hun zoon was vermoord. Zij dachten dat hij om was gekomen bij de crash van de Full House.
De kranten in Ohio besteedden in 1944 aandacht aan de dood van Walter B. Shambarger. Kort daarna nam een jonge vrouw contact op met de familie en vertelde dat zij de echtgenote was van Walter Shambarger. Zij liet een foto zien waar zij samen met Walter op stond. De familie was dol gelukkig en sloot de jonge vrouw in haar armen. Na een paar weken bleek dat de vrouw het verhaal had verzonnen. Zij was naar de familie gestapt in de hoop dat zij de uitkering zou krijgen die de familie van een gesneuvelde militair kreeg.
In 1945 ontvingen de ouders van Walter Shambarger zijn persoonlijke bezittingen. Zijn moeder raakte zo overstuur dat zij korte tijd daarna overleed.

Pas zestig jaar na de oorlog hoorde zijn familie dat Walter Shambarger vlak voor zijn vertrek naar Europa in het geheim was getrouwd met Vera Green uit Salt Lake City. Hij vertelde dit niet aan zijn ouders, omdat zij al overstuur waren omdat hij naar Europa werd gezonden. Zijn weduwe hertrouwde na de oorlog en zij is inmiddels overleden.
Gezagvoerder Ted L. Weaver
Van de zeven bemanningsleden die boven Barnflair uit het vliegtuig sprongen, stierven Shambarger en Nalipa, werden vier gevangen genomen en wist eerste piloot Ted Weaver met
behulp van het verzet te ontsnappen.
Boordwerktuigkundige Joseph Gniadek was met 28 jaar het oudste bemanningslid en hij had een beetje een vaderrol voor de rest van de bemanning. Hij was bij de beschieting door de Duitse jagers al gewond geraakt en verstuikte nu beide enkels bij de landing met zijn parachute. Een meisje wilde hem helpen te ontvluchten, maar hij kon niet lopen. Toen een Duitse soldaat op een fiets aankwam, vroeg hij het meisje snel te vluchten. Hij werd op een stenen muur gezet en de Duitse soldaat vertelde hem “Voor jou is de oorlog afgelopen”. Joseph Gniadek werd naar de schuur gebracht waar het lichaam van Walter Shambarger was neergelegd en hij moest het lichaam identificeren. De Duitsers vertelden Gniadek dat Shambarger op een houten hek was gevallen.  Gniadek sprak dit tegen want hij zag duidelijk dat Walter Shambarger was doodgestoken.
De radiotelegrafist Donald Fahey, schutter Marvin Crouse en schutter Lorin Voigt werden eveneens gevangen genomen. Joseph Gniadek,  Donald  Faherty, Marvin Crouse en Lorin Voigt kwam terecht in het krijgsgevangenkamp voor luchtmacht onderofficieren Stalag Luft IV in het Oosten van Duitsland.
In februari 1945 werd het kamp geëvacueerd en begonnen de 6000 gevangenen een 86 dagen durende dodenmars door Duitsland. Meer dan duizend gevangenen stierven onderweg. Alle vier gevangen genomen bemanningsleden van Full House overleefden de mars en konden na de oorlog terugkeren naar de Verenigde Staten.

Gezagvoerder Ted Weaver, verborg zich na de landing in een tarweveld. Hij begroef alles in dat zou kunnen verwijzen naar zijn familie in Amerika, alleen een zilveren officiers streep behield hij. Hij vertelde na de oorlog dat hij de hele middag een boerderij in de buurt observeerde. De piloten hadden een kaart bij zich met een vertaling van een aantal zinnen in het Duits en Frans. Terwijl hij tussen het koren lag leerde hij een paar van deze zinnen in het Duits uit zijn hoofd. Hoe het contact tussen Ted Weaver en zijn helpers precies is ontstaan is niet duidelijk, want zijn herinneringen en die van andere betrokkenen komen op onderdelen niet overeen. Wel staat vast dat hij gastvrij op de boerderij werd ontvangen. Later die avond werd Weaver overgebracht naar het huis van Jan Roorda, een leraar van de mulo die een grote rol speelde in het verzet. Hij bleef een paar weken bij Jan Roorda en moest toen naar een ander onderduikadres omdat de Duitsers nog steeds naar de piloot zochten. Ted Weaver kwam terecht in Nijverdal waar hij tot het einde van de oorlog bleef.

Geen van de bemanningsleden die aan de 23ste missie deelnamen is meer in leven.

De lichamen van Walter Shambarger en Stanley Nalipa werden eerst begraven in Rütenbrock, Duitsland. Na de oorlog werden zij overgebracht naar de Amerikaanse militaire begraafplaats in Neuville-en-Condroz, in de Belgische Ardennen. Het graf van Walter B. Shambarger is geadopteerd door een Belgisch paar dat het graf verzorgd.

De moordenaar Geert Trechsel werd in 1946 door het Bijzonder Gerechtof Leeuwarden ter dood veroordeeld. In hoger beroep werd dit in 1948 gewijzigd in 8 1/2 jaar gevangenisstraf. Hij zat zijn straf niet helemaal uit, zoals dat met velen het geval was die na de oorlog waren veroordeeld. Nederland wilde de oorlog snel achter zich laten en wilde ook collaborateurs weer integreren in de samenleving. Maar de bevolking was niet zo begrijpend als de overheid. Er gaan geruchten dat toen Trechsel een keer probeerde terug te keren naar Barnflair, hij bijna kreupel is geslagen door een aantal mannen. Een Nederlandse historicus bezocht Trechsel in de jaren zeventig en constateerde dat Trechsel zijn daad nooit heeft kunnen verwerken en dat hij zichzelf niet verantwoordelijk achtte voor zijn daad. Trechsel vond dat de mensen hem hadden moeten verhinderen de moord te begaan.

Boerderij Familie de Jong aan de Moersloot
(foto jaren zeventig)
Longread