Rampen in Groningen
EX-MINNARES DOODGESTOKEN IN CONCERTHUIS,
GRONINGEN 1950

Zaterdag 21 januari 1950 tegen half acht 's ochtends hoorden voorbijgangers het geschreeuw van een jonge vrouw die met een man leek te stoeien voor de kelderdeur van het Concerthuis aan de Poelestraat in  Groningen. Pas toen de man de jonge vrouw de kelder binnen sleurde en zij hard begon te roepen: "Help. Hij vermoordt mie", beseften ze dat er iets ernstigs aan de hand was. Voerman Prins die met zijn kar vlak in de buurt stond, rende de donkere kelder in, gevolgd door glazenwasser Veenstra. Andere omstanders volgden. Nadat zij het licht konden aandoen zagen zij een man op een vrouw liggen met zijn handen om haar keel. Ze trokken de man van de vrouw af en hielden hem in bedwang. Zij tilden de jonge vrouw op en zagen dat zij een diepe wond had in haar rug. Op de vloer in een plas bloed lag een groot mes.
Een dienstmeisje van het Concerthuis werd gevraagd de GGD en de politie te bellen. Omdat de politie op zich liet wachten liep men met de dader de straat op te zien of de politie er al aan kwam, maar toen dit niet het geval was, nam men hem weer mee naar binnen. De dader was volkomen rustig. Nadat politieagent Poepjen was gearriveerd, kwam de GGD. Op weg naar het ziekenhuis overleed de jonge vrouw.
Het slachtoffer was de 23 jarige Lida Kos en de dader de 46 jarige toneelknecht Willem Jasper.
Willem Jasper en Alida (Lida) Kos hadden al een paar jaar een relatie. In 1946 kwam Jasper als toneelknecht bij het Concerthuis. Vanuit zijn werkruimte keek hij uit op Fransche Roticheerinrichting, waar Lida Kos werkte. In  mei 1947 nodigde hij Lida uit voor een ritje op zijn motor. Sinds die tijd hadden ze een verhouding. Jasper was sinds 1927 getrouwd en had een volwassen zoon. Door zijn verhouding met Lida Kos scheidde zijn vrouw in 1948 van hem.

Willem Jasper was gek op Lida Kos. Hij overlaadde haar met, soms dure, cadeaus.
Hij wilde graag met Lida trouwen, maar zij hield hem op een afstand. Begin januari liet Lida middels een briefje aan Willem weten dat zij de relatie wilde beŽindigen. Zij had een jongere man leren kennen.
Jasper raakte volledig overstuur: eerst had hij zijn vrouw verloren door zijn relatie met Lida en nu raakte hij Lida kwijt. Hij besloot haar zaterdagmorgen te vragen of zij definitief niet verder met hem wilde, zo niet dan zou hij haar iets aan doen. Vrijdagavond deed hij de deur naar de kelder van het Concerthuis van het slot. Thuisgekomen zocht hij naar een schroevendraaier en vond ook een roestig dolkmes. Hij heeft het mes schoongemaakt en scherp gevijld. De volgende ochtend nam hij het mes mee naar zijn ontmoeting met Lida. Volgens Willem zei zij tegen hem: " 't Is uit tussen ons. Ik heb verkering met een jongen van 28 jaar". Blind van woede en frustratie greep hij haar bij de jas, sleurde haar de kelder binnen en stak haar dood.

Tijdens het proces voor de Groninger rechtbank eiste de officier van justitie een gevangenisstraf van 15 jaar wegens moord met voorbedachten rade. De rechtbank ging hier niet in mee en veroordeelde Jasper tot 10 jaar wegens doodslag.